Bijdragen aan Berghapedia? Kijk hier voor Hulp bij aanmelden

Maria Mencia van Wittem

Uit Berghapedia
Ga naar: navigatie, zoeken

Geboorte en huwelijk

Maria Mencia van Wittem werd op 29 augustus 1581 geboren op het kasteel van Wouw als oudste dochter van Johan van Wittem, heer van Beersel, en Maria Margaretha van Merode, markiezin van Bergen op Zoom.

Zij was zeventien jaar oud toen zij in februari 1599 op haar vaders kasteel in Beersel bij Brussel trouwde met de 23 jaar oudere Herman van den Bergh. In 1601 werd een zwangerschap gemeld, maar geen geboorte, zodat toen naar alle waarschijnlijkheid een miskraam heeft plaatsgehad. Daarna werden uit dit huwelijk nog drie dochters geboren:

Markiezin van Bergen op Zoom

Het markiezaat Bergen op Zoom op een kaart uit 1747

Maria Mencia werd geboren op het kasteel van Wouw, halverwege Bergen op Zoom en Roosendaal. In 1580 (tijdens de Tachtigjarige Oorlog) hadden haar Spaansgezinde ouders zich hier gevestigd, nadat de stad Bergen op Zoom in 1577 de kant van Willem van Oranje had gekozen. Door deze tweedeling, met de stad Bergen op Zoom aan Staatse zijde en het kasteel van Wouw aan Spaanse zijde, ontstond een ingewikkelde situatie waarin de Staatse zijde meestal de overhand had. De details hiervan vallen buiten het kader van de Berghapedia.

Maria Mencia's ouders overleden allebei in 1588, toen zij pas zeven jaar oud was. Maar ook al zou zij toen meerderjarig zijn geweest, dan nog zou zij haar gezag als markiezin niet hebben kunnen uitoefenen. Willem van Oranje had in 1582 het feitelijke gezag over het markiezaat in handen gekregen. Na de moord op hem in 1584 volgde prins Maurits hem op.

Pas in 1609 kreeg Maria Mencia het markiezaat in handen op grond van de bepalingen van het Twaalfjarig Bestand, dat toen inging. Dit hield in dat zij wel het vruchtgebruik (de inkomsten) kreeg, maar dat het politieke gezag in handen bleef van de Oranjes. Deze toestand bleef bestaan tot de Vrede van Münster in 1648.

In 1609 was Maria Mencia al tien jaar getrouwd met graaf Herman. Die gaf zijn raadsheer mr. Reynier van Rijswijck opdracht het markiezaat op 19 juni 1609 voor hem in bezit te nemen. Daarna hielden markiezin Maria Mencia en graaf Herman op 22 oktober hun Blijde Inkomst in de stad Bergen op Zoom. Zes dagen later deden zij hetzelfde in Oudenbosch voor de dorpen in het wat apart gelegen noordoostelijke deel dat bekend stond als het Eiland (zie kaart).

In 1610 vertrok Maria Mencia met haar man naar Huis Bergh, dat zware oorlogsschade had opgelopen. Dankzij de rust van het Twaalfjarig Bestand was er gelegenheid het kasteel te restaureren en uit te breiden. De muurankers in de voorgevel van het hoofdgebouw herinneren aan het werk dat zij hebben laten uitvoeren:

H(ERMAN) G(RAAF) Z(U) D(EM) B(ERGH) M(ARIA) M(ARKIEZIN) V(AN) B(ERGEN)

De muurankers in de buitenmuur van het rentmeestershuis verwijzen alleen naar haar:

M(ARIA) G(RAVIN) Z(U) D(EM) B(ERGH) M(ARKIEZIN) Z(U) B(ERGEN) O(P) Z(OOM)

Al tijdens de restauratiewerkzaamheden liet graaf Hermans gezondheid te wensen over. Om te herstellen vertrok hij naar de geneeskrachtige bronnen van Spa in de Ardennen, maar dit heeft niet mogen baten. Toen hij op sterven lag, heeft Maria Mencia samen met de behandelend arts en een jezuïet lang met hem gepraat om hem over te halen zijn testament te herzien. In dit testament (opgemaakt op 21 augustus 1610, drie dagen voor de geboorte van Maria Elisabeth Clara) benoemde hij niet zijn toen nog ongeboren kind, maar zijn broer Frederik (of, indien al overleden, diens oudste zoon) tot zijn erfgenaam. Toen Maria Mencia beloofde in te treden in een klooster in Keulen, en dus nooit te zullen hertrouwen, stemde graaf Herman in. Zijn dochter en het kind waarvan Maria Mencia op dat moment zwanger was, werden zijn erfgenamen. Hij ondertekende het betreffende codicil in de namiddag van 11 augustus 1611. Rond 4 uur in de nacht van 12 augustus overleed hij.

Hoewel Maria Mencia had beloofd niet te zullen hertrouwen, deed zij dat ruim een jaar later toch. Een van de redenen kan zijn dat het kind waarvan zij zwanger was toen graaf Herman overleed, op 21 november 1611 dood ter wereld was gekomen. En zo werd op 17 oktober 1612 in de Sint Romboutskathedraal in Mechelen haar huwelijk ingezegend met Willem van Melun, prins van Espinoy, markies van Richebourg, etc., etc. De familie van haar overleden echtgenoot was het niet met dit huwelijk eens.

In datzelfde jaar 1612, waarschijnlijk voor haar huwelijk, liet zij twee akten opmaken, die nu bewaard worden in het archief van Huis Bergh. In de eerste, opgemaakt door het Geldersche leenhof, stond zij haar rechten op het graafschap Bergh af aan haar zwager Frederik van den Bergh in het geval haar dochter Maria Elisabeth Clara kinderloos zou overlijden. Hiermee werden eventuele problemen over de erfenis met haar nieuwe schoonfamilie Van Melun voorkomen. De dochter overleed in 1633 inderdaad kinderloos, zodat Bergh – na toch nog veel getouwtrek – in handen kwam van Frederiks zoon Albert.

De tweede akte regelde een aantal andere zaken met haar zwager Frederik. Er werd een voogdijregeling voor haar dochter overeengekomen en er werd vastgelegd dat haar op dat moment 2-jarige dochter later zou trouwen met Frederiks zoon Albert (deze afspraak was in 1610 kort na de geboorte van haar dochter ook al gemaakt). Ook werden arbiters aangesteld om een besluit te nemen in een geschil over de nalatenschap van graaf Herman.

Maria Mencia's huwelijk met Willem van Melun heeft nog geen jaar geduurd. Zij overleed op 28 juli 1613 in Brussel nadat zij andermaal was bevallen van een doodgeboren kind. Zij is 31 jaar oud geworden. Vier dagen later werd zij bijgezet in het familiegraf in Eigenbrakel, waar ook haar ouders en haar man ook waren begraven. Haar zwager Hendrik schijnt als enige vertegenwoordiger van het geslacht Van den Bergh bij de begrafenis aanwezig te zijn geweest.

Haar vele titels

De titel markiezin van Bergen op Zoom was niet de enige die Maria Mencia had. Dankzij een reeks andere bezittingen, die merendeels in Brabant en Vlaanderen lagen, droeg zij ook de volgende titels. De lijst is waarschijnlijk niet volledig.

Van haar titel gravin van Bergh heeft zij, zoals hierboven gemeld, in 1612 in feite afstand gedaan.

  • vrouwe van Alsemberg
  • barones van Bautersem
  • vrouwe van Beersel
  • vrouwe van Boesinghe
  • vrouwe van Borchvliet
  • vrouwe van Eigenbrakel
  • barones van Duffel
  • vrouwe van Escandeuvre
  • vrouwe van Geel
  • vrouwe van Glimes
  • vrouwe van Impde
  • barones van Leefdaal
  • vrouwe van Linkebeek
  • vrouwe van Oud-Herlaer
  • barones van Perwijs
  • vrouwe van Plancenoit
  • vrouwe van Rode
  • burggravin van Seburg
  • vrouwe van Sint Michielsgestel
  • barones van Waalhem
  • gravin van Walhain
  • vrouwe van Waver
  • vrouwe van Wolverthem

In de praktijk is van al deze gebieden alleen Bergen op Zoom daadwerkelijk Berghs bezit geweest. De rest bleef in het geslacht Van Wittem.

Varia

Bronnen

  • Huis Bergh – kasteel-kunst-geschiedenis, blz. 42
  • Het archief van het Huis Bergh (boek), blz. 57
  • R.W. Tadama in Verslag over het oud grafelijk-Berghse archief te 's-Heerenberg, uitgeverij I.A. Nijhoff, Arnhem (1846), blz. 10
  • Huis Bergh > geschiedenis > bewoners > Herman
  • Geboorte na de dood. Wij, Maria Elisabeth, gravin van den Bergh, markiezing van Bergen op Zoom (1610 – 1633), Dr. Tjalling T. Wieringa in: Jaarboek Achterhoek en Liemers (2006) (zonder paginanummers)
  • De Noordwesthoek tussen Bergen en Nassau, W.A. van Ham in: Jaarboek de Oranjeboom (1970), blz. 122–123
  • Archief Huis Bergh, inventarisnummers 623 en 624