Bijdragen aan Berghapedia? Klik hier om je aan te melden !

Nuijens, Andreas Franciskus

Uit Berghapedia
Ga naar: navigatie, zoeken

Andreas Franciskus Nuijens was van 1905 tot 1929 gemeentearts in de gemeente Bergh met standplaats Zeddam. Hij werd op 1870 geboren in Zevenhoven (Z.-H.) als zoon van Franciskus Johannes Nuijens en Gerardina Wilhelmina Oldewelt. Zijn achternaam komt ook voor als Nuyens.

De gemeenteraad van Bergh benoemde Nuijens op 30 maart 1905 met algemene stemmen tot gemeentearts verantwoordelijk voor de inwoners van de kadastrale gemeente Zeddam. Nuijens had in Leiden gestudeerd en was op het moment van zijn benoeming in Zeddam arts in Twello (gemeente Voorst).

Nuijens werd als arts alom geprezen. Toen hij in juni 1920 werd benoemd tot gemeentearts in Budel, berichtte De Graafschapbode een maand later dat hij "tot genoegen van velen" had besloten deze functie niet te aanvaarden en dat hij in Zeddam bleef.

Meester Kremer, die dokter Nuijens in zijn jeugd had gekend, schreef later over hem:

Hij die zich als eerste arts te Zeddam blijvend vestigde, gesproten uit een oude doktersfamilie, die er tot eind 1929 zijn geneeskundige praktijk uitoefende, heeft er een onuitwisbare indruk achtergelaten. Zijn patiënten woonden tot ver buiten het dorp, zijn armenpraktijk omvatte – volgens instructie de hele kadastrale gemeente Zeddam, zijn spreekkamer was steeds gevuld. Als geneesheer had hij een klinkende naam, het medisch beroep was hem als het ware aangeboren.
Zijn markante persoonlijkheid maakt nu nog diepe indruk: zijn houding, zijn figuur stempelden hem tot iemand die ver boven het alledaagse uitstak. Zijn uitspraak van het Nederlands, het timbre van zijn stem, verried een lange cultuur, iets wat niet aan te leren is, iets wat van ouder op ouder is overgegaan. Terwijl hij in zijn patiënten de mens zag, was hij steeds kalm en bedaard, in every inch a gentleman.
Bij raadsbesluit van 30 oktober 1929 werd hem op zijn verzoek eervol ontslag verleend als gemeentegeneesheer. Hij vertrok naar Nijmegen, stierf er het volgend jaar en werd op 17 juni 1930 begraven op de r.-k. begraafplaats in Zeddam.
Deze Zeddamse arts Nuijens stamt af van F.L. Nuijens, die leefde van 1776 tot 1848 en eveneens arts was. De geschiedschrijver Willem Jan Frans Nuijens, geboren in 1823 te Avenhorn was een kleinzoon van genoemde F.L. Nuijens.

Bij zijn vertrek naar Nijmegen in 1929 kreeg Nuijens van zijn patiënten 300 gulden aangeboden. Dit was in die tijd een enorm bedrag en was des temeer een teken van erkentelijkheid voor het werk dat hij in bijna een kwart eeuw in Zeddam had verricht.

Zijn gezin

Nuijens trouwde op 3 september 1903 in Leiden met Johanna Maria Peperkorn, geboren aldaar op 29 september 1872 als dochter van Faas Peperkorn en Maria Magdalena Possemeijer.

Uit dit huwelijk werden zes kinderen geboren. Het eerste kwam in Twello ter wereld, de overige in Zeddam.

Meester Kremers relaas hierboven vermeldt dokter Nuijens overlijdensdatum niet: dit was 13 juni 1930. Hij was 59 jaar oud. Op 17 juni werd hij onder grote belangstelling in Zeddam begraven. Pastoor Meijer leidde de uitvaartplechtigheid.

Nuijens vrouw was al eerder, op 3 juli 1918, op 45-jarige leeftijd in Zeddam overleden. Hun graf op de r.-k. begraafplaats in Zeddam is inmiddels geruimd.

Artikelen in de krant

Uit het Nieuws van den dag van 5 april 1905
Uit De Graafschapbode 1 november 1929
Twist woensdag 1912.JPG
Uit het Tilburgsch Dagblad van 20 november 1912

Bronnen