Bijdragen aan Berghapedia? Klik hier om je aan te melden !
Categorie:Nederlands - Berghs A: verschil tussen versies
k |
k |
||
| Regel 1: | Regel 1: | ||
| − | [[Categorie: Barghs | + | [[Categorie: Woordeboek van 't Barghs]] |
Huidige versie van 12 okt 2026 om 21:03
Pagina’s in categorie "Nederlands - Berghs A"
Deze categorie bevat de volgende 118 pagina’s, van in totaal 118.
A
- Aanbieding
- Aanbrengen van neusring bij bijv. varkens
- Aandurven
- Aangaan, langsgaan, aanpakken
- Aangeven
- Aangeven, aangifte doen (juridisch)
- Aangeven, aanreiken
- Aanhalen, bijbenen, strelen
- Aankomen, langskomen
- Aankunnen
- Aankunnen, opgewassen zijn tegen
- Aanlopen, duren
- Aanmaakhoutje van dennenhout
- Aanmaken, opschieten, vastmaken
- Aannemen
- Aanpunten, een punt maken aan
- Aanslaan
- Aanslag (van ijzerhoudende stof, die in het water zit)
- Aanslag, afzetting (aan potten en ketels)
- Aansteken
- Aanstellerig
- Aantrekken
- Aantrouwen
- Aanvaarden
- Aanvankelijk, in eerste instantie
- Aanvegen
- Aanzeggen
- Aanzegger
- Aar, ader
- Aard, wijze, manier
- Aardappel
- Aardappel. Zie: eerpel
- Aardappelkuil
- Aardappelmand(je)
- Aardappelmesje
- Aardappelpannekoek (zn)
- Aardappelrasp
- Aardappelstronk
- Aardappelveld,
- Aardbei
- Aarde; grond
- Aardewerk serviesgoed
- Aardigheid, plezier, genoegen
- Aas, aars
- Acht
- Achten, met respect behandelen
- Achteraanzitten
- Achterblijven, ondersteunen
- Achterdeur (grote, dubbele deur in bedrijfsgedeelte van boerenhuis, waarvan een deel uit een boven- en onderhelft bestaat)
- Achterheen, achter vandaan
- Achterhouden, ontvreemden
- Achterover
- Achterstevoren, achterwaarts, tegendraads
- Achteruit! (gezegd tegen een paard)
- Adem
- Adieu, tot ziens
- Advocaat, eierlikeur
- Af en toe
- Af, neerwaarts (naar beneden)
- Afdoen, afscheren
- Afdrogen, afranselen, verslaan
- Afgeleefd, oud, versleten
- Afgrazen
- Afkiemen (verwijderen van spruiten van aardappelen)
- Afkijken, bespioneren
- Aflaat
- Aflegger
- Aflezen
- Afmaken, afspreken, verwijderen
- Afnemen, afpakken
- Afnemen, stiekem afhandig maken
- Afpalen
- Afpalen, afbakenen. Zie: uutpäöle
- Afranselen
- Afrasteren
- Afrastering, omheining
- Afroepen, plechtig afkondigen
- Afschepen
- Afschuimen, afstropen, doorzoeken
- Afslaan
- Afspraakje met jongen/meisje
- Aftreden, afmeten (met stappen)
- Aftrekken, afplukken
- Afvalgat
- Afvallen, tegenvallen
- Afvangen
- Afvegen
- Afvoerput voor stalvocht
- Afwassen. Zie: umspu:le
- Afzagen
- Afzetten, bedriegen, amputeren, uitdunnen
- Afzetten, belazeren
- Afzetterij
- Akkoord (bw)
- Alleen, echter
- Alleenstaand
- Allemaal
- Allerminste (sociaal)(letterlijk: onderste korst van brood)
- Als, dan
- Altijd al, zover de herinnering reikt
- Amen
- Amuseren
- Ander
- Andijvie-stamppot
- Angel, kafnaald
- Angst
- Angstig
- Apart
- Appel
- Arm
- Armoede
- Armoedzaaier
- Arnhem
- Askruisje
- Augurk
- Avond
- Azijn
- Azijn. Zie: aek