Bijdragen aan Berghapedia? Klik hier om je aan te melden !

Drieman, Hermanus Henricus Antonius

Uit Berghapedia
Ga naar: navigatie, zoeken
Uit dagblad De Tijd van 7 december 1965

Hermanus Henricus Antonius Drieman was twee keer kapelaan in de parochie St. Jan de Doper in Kilder. Hij werd op 20 februari 1900 geboren in Amsterdam als zoon van Leonardus Henricus Drieman en Helena Geetruida Bernardina Beste.

Hij wilde graag missionaris worden, en begon daarom op 6 september 1915 een priesteropleiding in het missiehuis van het Gezelschap van het Goddelijk Woord (in de volksmond missionarissen van Steyl) in Uden. In september 1920 keerde hij terug naar Amsterdam, maar kon om verder niet vermelde reden niet naar de missie.

Hij is toen ingetreden bij de bedelorde van augustijner heremieten (Ordo Eremitarum Sancti Augustini, afgekort OESA, later genaamd Ordo Fratrum Sancti Augustini, afgekort OSA). Als voornaam duikt sindsdien Leo op, maar of dit zijn kloosternaam was, is niet duidelijk.

Op 2 juni 1928 werd hij in de Sint Janskathedraal in Den Bosch door de bisschop van Den Bosch tot priester gewijd. Hierna volgde een reeks benoemingen door de betreffende (aarts)bisschop, maar steeds "op voordacht van de hoogeerwaarde pater Provinciaal der Augustijnen".

Hij begon in augustus 1929 als assistent in de Amsterdamse parochie H. Augustinus, waarna hij kapelaan was in achtereenvolgens Utrecht (parochie OLV van Goeden Raad), Culemborg, Amsterdam (weer in de parochie H. Augustinus) en Weerselo.

In augustus 1948 werd hij voor het eerst kapelaan in Kilder. Dit was in de jaren van pastoor Van Weerdenburg. Hij kwam toen als opvolger van pater Nouwens. In augustus 1951 werd hij overgeplaatst naar Luttenberg. In Kilder volgde kapelaan Schasfoort hem op.

Pater Drieman stond inmiddels als kapelaan in Rossum bij Oldenzaal toen hij in januari 1956 opnieuw in Kilder benoemd werd. Hij kwam daar als opvolger van kapelaan Schasfoort, die in augustus 1955 naar Rijsenburg was vertrokken. Kilder had dus zo'n vier maanden geen kapelaan gehad. Was er in die tijd een tekort aan kapelaans? Pater Drieman maakte bij zijn aankomst kennis met pastoor Korrel, die in 1952 pastoor Van Weerdenburg was opgevolgd.

Kapelaan Drieman bleef maar tot augustus 1956 en werd opgevolgd door kapelaan Vaessen. Waar hij de vier jaar daarna is geweest, kon niet worden achterhaald, maar van augustus 1960 tot augustus 1964 was hij nog pastoor in Rumpt in de West-Betuwe.

Pater Drieman overleed in Culemborg op 6 december 1965, 65 jaar oud. Op 9 december werd hij begraven op het kloosterkerkhof Mariënhagen in Eindhoven.

Bronnen